5. Mergel, blokbrekers en versteend leven.
In een onvoorstelbaar ver verleden, 65 tot 70 miljoen
jaar geleden, was Zuid-Limburg een zee, waarin ondermeer
miljarden
microscopisch kleine wezentjes met een kalkachtig skelet
leefden.
Als die stierven zakten de kalkskeletjes naar
de zeebodem en vormden zo een krijtlaag, op sommige
plaatsen tot zestig meter dik. Toen de zee
zich in een later stadium
terugtrok kwam de krijtlaag aan de oppervlakte te liggen.
Op de meeste plaatsen werd deze laag onder invloed
van wind en water bedekt met zand en kleilagen.
In het Krijt
zijn veel fossielen van schelpen en andere waterdieren
te vinden. In de gangen die dieren in de bodem van
de ‘Krijtzee’ groeven,
vormden zich de vuursteen’knollen’, die
de mensen in het stenen tijdperk gebruikten voor hun
werktuigen.

Blokbrekers aan het werk
Dit
krijt of kalksteen werd in Zuid-Limburg door blokbrekers
gewonnen en als bouwsteen gebruikt. In de loop van de
eeuwen ontstonden hierdoor uitgebreide, ondergrondse
gangenstelsels.
De kalksteen wordt in de volksmond mergel genoemd.
|
|
|